vrijdag 1 juni 2018

Schaduw van de Wraak - een Striprecensie


1879. Groot Britannië was zich al enige tijd bewust geworden van het feit dat Rusland haar oog had laten vallen op India en van plan was om via Afghanistan de Britse kolonie te veroveren. In de zomer van dat jaar zou de dramatische belegering van de Britse Residentie in Kaboel plaats vinden. Maar zover is het nog niet en Reginald Winkie, zoon van de directeur van de East India Company en een mooie Indiase vrouw, is alleen maar geïnteresseerd in mooie vrouwen, bridge en opium roken.


Het was in de 19e eeuw heel gewoon voor Britse kolonisten om te trouwen met inheemse vrouwen. In tegenstelling wat tegenwoordig gedacht wordt pasten de Britten zich aan aan de gewoonten van de bezette gebieden. Zo droegen ze in het dagelijks leven dezelfde kleding als de lokale bevolking. Alleen bij officiële gelegenheden ging het kostuum of uniform aan. Dit werd door de Britse regering niet als een probleem gezien. Hoewel men het wel bezwaarlijk vond dat ambassadeur James Achilles Kirkpatrick moslim werd. Na het pensioen waren de vrouwen ook van harte welkom in Engeland. Op hun beurt pasten deze dames zich helemaal aan aan de Britse gewoonten. Hoewel de integratie dus uitstekend ging worstelden de meeste ouders met in welke traditie ze de kinderen het best zouden kunnen opvoeden. Winkies ouders, die stierven toen hij nog een tiener was, voeden hem Brits op. Maar de tijden waren aan het veranderen. Interracial trouwen werd minder geaccepteerd en op halfbloed kinderen werd neer gekeken. Als Winkies getrouwde vriendin vermoord wordt kan het dan ook niet uit blijven dat men hem de moord in de schoenen probeert te schuiven.


Winkie’s enige kans om zijn onschuld te bewijzen is om op de vlucht te slaan en er achter zien te komen wie de werkelijke moordenaar is. Ongewild raakt hij verwikkeld in een strijd die de zijne niet is en beseft dat nog de Britten, nog de Indiase bevolking hem accepteren. En de Afghanen accepteren hem alleen maar als hij zich aansluit bij de strijd tegen de Britten. Afghanistan was een van de weinige koloniën die tot dan toe nog niet volledig was onderworpen aan blanke overheersers en dat wilden de Afghanen graag zo houden.


‘Schaduw van de Wraak’ is meer een grafische roman dan een geschiedkundige verhandeling. Hoewel het verhaal zich afspeelt in de 19e eeuw is er toch zeker een link naar het heden. Niet alleen zullen mensen van gemengd bloed zich goed kunnen verplaatsen in de held van dit verhaal, maar het toont ook een land in een constante oorlog die tot op de dag, hoewel de deelnemers veranderd zijn, nog niet beëindigd is.
Zowel het verhaal als de tekeningen zijn van de Italiaanse Attilio Micheluzzi. Micheluzzi geeft er de voorkeur aan om zijn fictive figuren te situeren in historische gebeurtenissen. Zijn ‘Marcel Labrume’ strips spelen zich af in Syrië tijdens de Tweede Wereldoorlog, ‘Operatie Königsberg’ en de ‘Petra Cherie’ strips spelen zich af tijdens de Eerste Wereldoorlog, Siberië speelt zich af tijdens de Russische Revolutie en Titanic gaat over de beroemdste scheepsramp aller tijde. Micheluzzi begint ‘Schaduw van de Wraak’ met het introduceren van alle personages. Mijn eerste gedachte was; Als je hiervoor drie pagina’s nodig hebt maak je het jezelf wel erg ingewikkeld’, maar het valt mee. De meeste personages komen maar even voorbij en zijn voornamelijk bedoeld om te voorkomen dat er te veel pagina’s gebruikt moeten worden om relaties tussen mensen te laten zien en motieven voor bepaalde handelingen te verklaren. Hier ligt ook gelijk een beetje het zwakke punt van het verhaal. Het voelt alsof alles net iets te compact in elkaar zit. Zelf had ik graag een pagina of twee extra gezien die wat meer vertelden over de intriges voorafgaand aan de belegering van de Britse residentie in Kabul. Maar al met al is dit verhaal beter te volgen dan Micheluzzi’s ‘Marcel Labrume’ strips.


De realistische tekeningen zijn prachtig. De inkleuring is hier en daar wat nonchalant, maar dat wordt dan weer goed gemaakt door de intensiteit. In warme landen (in Afghanistan kunnen de temperaturen in de zomer oplopen tot meer dan 40 graden) komen de kleuren wat intenser over dan hier.


Alle plussen en minnen opgeteld heeft Micheluzzi met ‘Schaduw van de Wraak’ een prima album afgeleverd.

Attilio Micheluzzi op Wikipedia
Attilio Micheluzzi op de Comiclopdia

dinsdag 1 mei 2018

Legende en Waarheid over Goudkopje - een Striprecensie


Misdaad, verraad en de speling van het lot. Het zijn niet de meest vrolijke en originele thema’s, maar Goetzinger, die zowel het verhaal heeft geschreven als voor het tekenwerk heeft gezorgd, weet in 46 pagina’s toch een interessante strip af te leveren.


‘Legende en waarheid over Goudkopje’ begint met twee Parijse bendes die flinke mot met elkaar hebben. Als het uit loopt op een steekpartij en de politie er zich mee begint te bemoeien moet de koningin van het trottoir Amélie Hélie, alias Goudkopje, zichzelf zien te redden.


Het is een verademing dat het nu eens niet de mannen zijn die de hoofdrol spelen in een verhaal over de onderwereld. Nee de mannen blijken zelfs de speelbal te zijn van de prostituee uit de titel. Als ik de strip uit heb bekruipt mij een gevoel van leegte. Het is niet dat ik teleurgesteld ben, maar ik moet toch even nadenken. In eerste instantie dacht ik dat dat gevoel kwam omdat het verhaal wat oppervlakkig lijkt. Goetzinger rijgt een aantal situaties aan elkaar tot één verhaal, maar als ik de stip nog een tweede keer door blader besef ik dat het allerminst als los zand aan elkaar hangt. Het heeft allemaal te maken met het karakter van Goudkopje. Ze is door één foute beslissing in de prostitutie geraakt en besluit wraak te nemen op de mannen die haar in deze situatie gebracht hebben. Toch is dit geen verhaal van vergelding. De situaties waarin ze zich kan wreken dienen zich als per toeval aan. Maar koelbloedig wraak nemen blijkt niet zo makkelijk. Misschien leg ik er te veel in maar ik zie een tegenstrijdigheid in het karakter van Goudkopje. Aan de ene kant wil ze deze man straffen, maar aan de andere kant houdt ze ook van deze misdadiger. Maar ze heeft geen tijd om er te veel over na te denken, ze is sowieso niet iemand die ver vooruit denkt. Dat is ook de reden dat ze van de ene situatie in de andere valt.


Als Goetzinger wat meer pagina’s tot haar beschikking zou hebben gehad zou ze zeker het verhaal nog meer kunnen uitdiepen en interessanter gemaakt kunnen hebben. Haar tekenwerk is in ieder geval weer prachtig en ook de grafische vormgeving verdient een pluim. De vlakverdeling is prachtig en doet zeker denken aan de jugendstil die zo populair was in de tijd dat dit verhaal zich afspeelt. Enig minpuntje wat ik kan bedenken is de ingekleurde tekstballonnetjes die soms wat donker zijn waardoor de tekst wat moeilijker te lezen is. Maar dat is natuurlijk makkelijk te verhelpen met een extra lampje.

Annie Goetzinger op Wikipedia
Annie Goetzinger op de Comiclopedia
Legende en waarheid over Goudkopje op Stripinfo.be
Legende en waarheid over Goudkopje op Catwiki

zondag 1 april 2018

Kuifje in het land van de Sovjets - een Striprecensie


Deze recensie gaat over misschien wel de beroemdste verslaggever uit de geschiedenis van de journalistiek. Eigenlijk best wel triest dat dit een fictieve figuur betreft en dat die bedacht is door een man met een twijfelachtige reputatie. Ik heb het natuurlijk over de razende reporter Kuifje. Hergé maakte ‘Kuifje in het land van de Sovjets’ in 1929 voor het tijdschrift ‘Le Petit Vingtième’.


In dit eerste Kuifje verhaal stuurt de krant ‘De Kleine Twintigste’ reporter Kuifje naar de Sovjet-Unie om de lezers op de hoogte te brengen van wat daar allemaal gebeurt. Al snel blijkt het beeld dat de kers verse natie over zichzelf naar buiten brengt niet te kloppen en dat de boze Bolsjewieken geen enkele methode schuwen om te voorkomen dat Kuifje de waarheid naar buiten brengt.


Over duidelijk is dat de propaganda van de pagina’s af spat. Er is geen enkele pagina waarop we niet worden gewezen op het dreigende gevaar dat deze nieuwe communistische staat vormt voor de westerse beschaving. Is dit erg? Ik zou zeggen ‘nee’. Een van de redenen is dat iedereen die een beetje heeft opgelet tijdens de geschiedenisles wel kan begrijpen dat dit niet echt gebaseerd is op werkelijke feiten. En voor wie heeft zitten slapen tijdens de les of gewoon te jong is zal de begrippen Sovjet-Unie en Bolsjewieken waarschijnlijk weinig zeggen, want de Sovjet-Unie bestaat niet meer, het begrip Bolsjewieken wordt niet meer gebruikt en de Communisten vormen geen bedreiging meer.


Wat over blijft is een verhaal met grappige situaties dat vol vaart wordt verteld. Dat laatste komt waarschijnlijk omdat Hergé het verhaal tijdens het maken bedacht. Het is waarschijnlijk daarom een aaneenschakeling van actie scenes geworden. Je kunt van alles vinden van Hergé als man en zijn Kuifje strips, maar niet te ontkennen valt dat Hergé met Kuifje het striplandschap volledig veranderd had. Niet alleen met de manier van het vertellen van een verhaal, maar ook met de nieuwe tekenstijl die de Klare Lijn wordt genoemd.


Iemand van de Linkse Socialistische Partij schreef op zijn / haar blog over de ingekleurde herdruk die Casterman had uitgebracht ter ere van 100 jaar Russische Revolutie: ‘Het wel erg dominante anticommunisme gaat gepaard met alle mogelijke clichés.’ Verderop schrijft deze blogger: ‘Op het einde van zijn leven rechtvaardigde Hergé de propaganda in zijn eerste strips door te verwijzen naar de politieke context van die tijd, alsof toen dergelijke racistische ideeën algemeen aanvaard werden.’
Zelf denk ik dat Hergé toch wel een punt heeft als het gaat om dit eerste album. Voor de duidelijkheid ik heb het niet over de latere Kuifje albums. Het was 1929, het was normaal om je eigen land, ras en geloof superieur te vinden. Wie denkt dat de Eerste Wereld oorlog, die elf jaar daarvoor beëindigd was, de volkeren dichter bij elkaar hadden gebracht vergist zich. In september 1917 schreef de Duitse socioloog Max Weber ‘Vandaag staat er aan het westfront een bende Afrikaanse en Aziatische wilden, en een allegaartje van dieven en armoezaaiers van over de hele wereld.’
Het Grote Britse Rijk zetten 1,4 miljoen Indiase soldaten in, Frankrijk een half miljoen mannen uit Afrika en Indochina en de Amerikanen rekruteerden 400.000 Afro-Amerikanen. De algehele tendens was dat deze soldaten ‘niets meer dan vuile negers’ waren die alleen konden dienen als kanonnenvoer. Ik denk niet dat deze mentaliteit in 11 jaar veel verandert kan zijn. Dus ja, ik vind dat we dit album in een historische context moeten plaatsen.


Wat de cliché’s betreft moet ik toegeven dat daar er wel wat van in zitten. Uitglijden over een bananenschil was inderdaad zelfs in 1929 al een cliché, maar Hergé bedacht ook elementen die nu een cliché zijn, maar in 1929 absoluut origineel waren. Denk aan een super zakmes waarmee je een propellor uit een boomstam kunt snijden. De totale absurditeit van het idee maakt het des te grappiger. Bij mijn weten had niemand voor 1929 dit soort gadgets gebruikt. Nu is het cliché geworden omdat het zo veelvuldig wordt gebruikt in de populaire James Bond films.


Na alle Kuifje albums gelezen te hebben, moet ik tot de conclusie komen dat ‘Kuifje in het land van de Sovjets’ toch wel mijn meest favoriete is.

donderdag 1 maart 2018

Cliff Burton - ‘Mysterie in Whitehall’ en ‘De geest van Victoria’ - een Striprecensie



Het eerste Cliff Burton verhaal is opgedeeld in twee delen; ‘Mysterie in Whitehall’ en ‘De geest van Victoria’. Het is 1921. Londen wordt opgeschrikt door een aantal brute moorden. De Yard staat voor een raadsel en schakelen Cliff Burton in om het mysterie te ontrafelen en de moordenaars in de kraag te vatten. Al snel wordt duidelijk dat het iets te maken heeft met een geheim genootschap dat Burton uiteindelijk naar India voert. Hoewel India al sinds 1858 onder het Grote Britse Rijk viel waren er diverse groeperingen die de onafhankelijkheid van India nastreefden. Ook in Engeland gingen er stemmen op om India geleidelijk aan haar onafhankelijkheid terug te geven.


Rodolphe schrijft een recht toe recht aan detective verhaal. Burton krijgt een probleem voor geschoteld, gaande weg krijgt hij enkele clues en wat leuke afleiding van een aantrekkelijke dame, raakt in problemen en brengt het dan toch tot een goed einde. Het klinkt als een routine klus voor Rodolphe, die in 1980 al begonnen was met het schrijven van de ‘Commissaris Raffini’ strips.


Frédéric Garcia’s realistische tekenwerk ziet er goed uit. Zowel de personages als de decors zijn zeer gedetailleerd. Hij heeft niet zo heel veel verschillende strips getekend, maar van de series die hij maakte zijn redelijk veel delen verschenen. Helaas zijn alleen de Cliff Burton strips in het Nederlands vertaalt.


Op zich is deze eerste Cliff Burton strip prima als je geen who-done-it of hard-boiled detective verwacht. Mijn voornaamste reden om aan deze serie te beginnen was omdat dat de verhalen zich af spelen in de jaren 20. Een tijd die me, o.a. vanwege de kunst, de design en mode, mateloos fascineert. En Garcia heeft zeker zijn best gedaan om de mode, auto’s en settings zo waarheidsgetrouw te tekenen.

Rodolphe op Wikipedia
Rodolphe op de Comiclopedia
Frédéric Garcia op de Comiclopedia

maandag 1 januari 2018

Twee voor thee - een Striprecensie


Het is ergens eind 19e eeuw. De nestor van de familie Voorzichtig ligt op zijn sterfbed. Heel zijn leven heeft hij geweid aan het opbouwen van zijn thee-imperium. En met succes want de hoge kwaliteit van de Voorzichtig thee kan zich zeker meten met die van Van Nelle en Douwe Egberts. Maar het einde van de Voorzichtig dynastie lijkt in zicht. Zijn zoons zijn te oud en er zijn alleen maar kleindochters. Aan wie moet hij het stokje nu over dragen? Maar och ja, kleinzoon Bernard is er ook nog. Maar, de jonge spruit heeft geen enkele belangstelling in de firma Voorzichtig, hij speelt liever een potje tennis.


Als er geknoeid is met de kwaliteit van de Voorzichtig thee, laat hij zich over halen naar Assam, dat toen nog deel uit maakte van Brits-Indië, te gaan om uit te zoeken wie er achter zit. Als hij in zijn missie slaagt erft hij het thee-imperium, maar als hij faalt dan erft neef Andries ze zaak. Laat zich raden dat deze neef alles in het werk stelt om te voorkomen dat Bernard achter de waarheid komt. Een eitje aangezien Bernard nogal naïef is, ware het niet dat hij op zijn reis vergezeld zou zijn geweest van een butler die overal een oplossing voor weet.


Het is een typisch Martin Lodewijk verhaal met veel humor en grappige situaties. De illustraties van Daan Jippes zijn prachtig gedetailleerd en zitten vol met leuke stereotypen. Zo is er de Duitse Uber Alles die graag Bernards butler had willen worden. Voorzichtig senior is met zijn lange witte baard al 7 jaar bezig het loodje te leggen. De typisch volgevreten boekhouder Andries, die geen methode schuwt om de erfenis binnen te hengelen. Er zit een typische aristocratische dame in. Bernard is natuurlijk een typische adolescent. En dan is er ook nog de butler die een typische bediende is.


De eerste druk van dit album stamt uit 1973. In 1981 is hij heruitgegeven in de Auteur reeks en in 2001 is hij voor een derde maal uit gegeven ter gelegenheid van het feit dat Daan Jippes de Stripschapprijs kreeg voor zijn werk voor Disney.

Bij mijn weten is dit het enige album wat Lodewijk en Jippes samen maakten. Jammer want ze vullen elkaar goed aan. Jippes versterkt met zijn tekeningen de humor van Lodewijk en vieze versa.

Daan Jippes op de comiclopedia
Martin Lodewijk op de comiclopedia
Martin Lodewijk op wikipedia
Daan Jippes op wikipedia

vrijdag 1 december 2017

De Wurgsekte - een Striprecensie


De meeste mensen kennen het Engelse woord Thug, dat gewelddadige misdadiger betekend, wel. Maar deze strip gaat over de sekte uit India met dezelfde naam. Of het Engelse woord van deze sekte afkomstig is weet ik niet maar de leden van de Thugs waren zeker, als het niet meer is, even zo gewelddadig als de brute criminelen uit de gangsterfilms van veel later.


Zonder er heel uitgebreid over uit te wijden is de sekte ontstaan uit een legende. De voorouders van de Thugs hadden de Godin Kali geholpen een monster te verslaan door deze te wurgen. Kali beloonde ze door ze haar goddelijke bescherming toe te zeggen. Ze droeg ze op het gebruik van het reepje stof, waarmee het monster gewurgd was, aan hun kinderen te onderwijzen en elk slachtoffer dat ze op hun weg zond daarmee te wurgen. Maar zoals elke sekte hadden de aanhangers van Kali ook bepaalde regels en ceremoniële gebruiken. Zo was er een groepsleider die wurg expedities organiseerde en alleen tijdens deze expedities werden niets vermoedende reizigers, meestal kooplieden, gewurgd. Als ze niet op expeditie waren dan gedroegen de Thugs zich als gewone brave burgers. De Thugs gingen wel behoedzaam te werk als ze op wurgpad waren. Zo zorgden ze er wel voor dat ze geen Engelse kolonisten vermoorden want dat zou de kans dat ze gepakt zouden worden vergroten. Laat zich raden dat de lokale kooplieden maar wat graag blanke kolonisten in hun gezelschap hadden.


Als een inspecteur van de Est India Company ontdekt dat Raven geld heeft verduisterd ziet hij zich genoodzaakt zich op een drastische manier te ontdoen van deze lastpak. Het geluk wil dat een bedelaar hem helpt bij het opruimen van het lijk en hem helpt te vluchten. Tegen een flinke portie geld natuurlijk, dat wel, het is zijn uitweg om uit zijn uitzichtloze positie te komen. Onderweg ziet Raven een processie voorbij komen waar een beeldschone vrouw in mee loopt. Dit is ook het moment dat we de goede kant van de in eerste instantie meedogenloze op geld beluste moordenaar zien. Als Raven hoort welk wreed lot deze vrouw is beschoren moet en zal hij haar redden. Laat zich raden dat hij zich hiermee veel problemen op de hals haalt. Om nog maar niet te spreken van de Thugs die nog op zijn pad zullen verschijnen.


Schrijver en tekenaar Guido Buzzelli vertelt met deze strip een interessant verhaal. Hij opent met een tijger die vertelt wat zijn geheim als professioneel jager is. Een les die Raven ter harte had moeten nemen, maar dat zou natuurlijk minder interessant zijn geweest voor het verloop van het verhaal. De realistische tekeningen zijn prachtig, ik kan niet anders zeggen.

De Wurgsekte uit de avonturier-reeks is kortom een aanrader.

De Wurgsekte op stripinfo.be
Guido Buzzelli op wikipedia
Guido Buzzelli op de comiclopedia

woensdag 1 november 2017

Folies Bergère - een Striprecensie


Verdun, 1918, aan het begin van de lente. De soldaten van de 17e compagnie infanterie noemen zichzelf liever de ‘Folies Bergère’. Want ze hebben gezworen dat als alles afgelopen is, ze ernaartoe gaan, naar de ‘Folies Bergère’ in Parijs. Maar hun frivole bijnaam kan geen schriller contrast vormen met de ellende waarin ze zich bevinden.

Dit is een album van scenarioschrijver Zidrou en tekenaar Porcel. Het is mijn eerste kennismaking met beide heren. Wel ken ik de serie ‘De Blauwbloezen’ natuurlijk, maar ik ben gestopt die te verzamelen voordat Zidrou het over nam (had trouwens niets te maken met het feit dat hij het over nam). Ik dan je zeker zeggen dat dit verhaal totaal iets anders is dan de humoristische serie die zich af speelt in de Amerikaanse Burgeroorlog.


‘Folies Bergère’ is een grimmig en een beetje een bizar verhaal over het wel en wee in de Franse loopgraven tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het is zeker niet zoals alle andere verhalen over deze verschrikkelijke oorlog.
Het verhaal begint met een soldaat die wonder boven wonder zijn executie heeft overleefd. Het zou een beetje een zweverig verhaal worden ware het niet dat de tekeningen zo grimmig waren geweest. Porcel’s illustraties zijn vrijwel altijd in zwart met sepia. Af en toe gebruikt hij rood om de verschikkingen op het slachtveld te benadrukken of roze in een droom om vervolgens de dromende soldaat op wrede wijze uit die droom weg te rukken door hem met de neus op de harde werkelijkheid te drukken.

Het verhaal dat zich in de loopgraven afspeelt wordt afgewisseld met scenes van Monet die zijn beroemde waterlelie schilderijen aan het schilderen is. Porcel gebruikt voor de schilderijen van Monet en diens palet vrolijke kleuren. Misschien leg ik er te veel in, maar ik zie hier een sprankje hoop in dit meedogenloze drama. Een ‘vervelend’ jongetje valt de meeste van het impressionisme telkens lastig, maar maakt in zijn eenvoud toch enkele opmerkingen die het overdenken waard zijn. Ik zie in hem de hoop voor de generatie na de oorlog, De Grote Oorlog die vanwege al zijn verschikkingen de mensen de lust moest benemen om ooit nog aan een nieuwe te beginnen. Wishful thinking, weten we nu. De mensen die de macht hebben om wel of niet een oorlog te beginnen zijn namelijk niet de mensen die zich wagen op het veld van eer.


Op de helft van het verhaal komt een moment waarvan ik denk dat dat een goed einde van het verhaal zou zijn geweest. Maar zoals zoveel soldaten die in deze ‘War to end all wars’ vochten zo vaak gedacht moesten hebben na elke verschrikking die ze mee maakten; ‘dit is te verschrikkelijk, nu moeten de generaals wel beseffen dat hier een einde aan moet komen’. Helaas zagen de generaals alleen maar meer reden om door te gaan en kwam het besef dat het genoeg was voor veel te veel soldaten en burgers veel te laat. Zo ook bij dit verhaal, het verhaal gaat niet alleen verder, maar wordt er nog eens stukke grimmiger op.

Deze grafische novelle valt moeilijk te plaatsen tussen alle andere Eerste Wereldoorlog strips. Het album is zeker een aanklacht tegen de onrechtvaardigheden die zich voordoen in een oorlog. Het brengt ter sprake de vraag of een oorlog sowieso gerechtvaardigd is. Er wordt een hard oordeel geveld over de redenen waarom de meeste oorlogen die in het verleden begonnen zijn en gerechtvaardigd werden.

Kortom; dit is een bijzonder album voor mensen met een sterke maag en mag zeker niet ontbreken in de boekenkast van iemand die geïnteresseerd is in de Eerste Wereldoorlog en / of oorlogen in het algemeen.

Zidrou op stripinfo.be
Porcel op stripinfo.be